Heart To Heart - Business Inside
23 juliHans Hoogendoorn en Els de Borst nemen een kijkje in elkaars keuken.
Wat zijn hun drijfveren? Wat is hun passie? En waarom zijn ze ondernemer?
Garagebedrijf Hoogendoorn
Hans Hoogendoorn, eigenaar van Garagebedrijf Hoogendoorn: ‘We hebben een garagebedrijf en dat betekent in- en verkoop van auto’s, reparaties aan auto’s, APK-keuringen, aircoservice, en alle werkzaamheden die daarbij horen. We bestaan sinds 1964. Toen is mijn vader met de onderneming gestart. In 1991 heb ik het overgenomen. En nu ben ik bezig om het over te dragen aan mijn zoon, die al sinds lange tijd ook in het bedrijf werkt. Gedeeltelijk is dat al gebeurd. Dus we gaan straks de derde generatie in. Dat geeft een goed gevoel. Natuurlijk is het niet altijd rozengeur en maneschijn geweest, maar dat hoort nu eenmaal bij het ondernemerschap. We – we zijn met z’n vijven – zijn bewust klein gebleven. Ik heb daarvoor gekozen omdat ik het persoonlijke contact met klanten, het hoe, wat en waarom van mensen, het belangrijkste vindt. Of je nu auto’s verkoopt, schoenen of bloemen, ik vind dat het contact met mensen voorop moet staan. En dat probeer ik, samen met mijn collega’s, zo goed mogelijk uit te dragen. Natuurlijk is de drijfveer winst maken. We zijn geen filantropische instelling. Maar béíde aspecten vormen de basis van het bedrijf. Dat is hoe ik erin sta. We zijn eigenlijk een beetje ouderwets. Zo zeg ik altijd tegen de jongens dat ik liever heb dat ze er een kwartiertje eerder mee stoppen om het gereedschap op te ruimen en de werkplaats in orde te maken. Want als je de volgende ochtend met plakkende voeten door de werkplaats loopt vanwege de olie die er nog ligt, dan begin je de dag met een achterstand. En dat gaat op een gegeven moment tegen je werken. Strak, orde, netheid, houd je aan de regels. Je kunt heus wel een keer van het pad af gaan, maar zorg er altijd voor dat je er weer óp komt.’
Alblasserwaard Schoonheidsinstituut
Els de Borst, eigenaresse van Alblasserwaard Schoonheidsinstituut: ‘Mijn schoonheidssalon bestaat over een paar maanden veertig jaar. Die salon is echt mijn passie. Als jong meisje wist ik al dat ik schoonheidsspecialiste zou worden. En waar dat vandaan kwam? Mijn moeder ging ook naar de schoonheidsspecialiste, maar daar was ze niet heel open over. In die tijd was dit nog niet zo gebruikelijk. Misschien kwam het wel omdat ik altijd een probleemhuid heb gehad. Het hele totaalplaatje van een mooie ruimte inrichten en sfeer creëren, trok me in ieder geval aan. En als ik nou het talent had om aan mensen rust over te brengen en om hun huid te verbeteren? Ja, dat plaatje is wel uitgekomen. Nadat ik de basisopleiding en de vervolgopleiding had gedaan, en mijn man zijn middenstandsdiploma had gehaald om een bedrijf te beginnen, ben ik met de schoonheidssalon begonnen. Eerst op een slaapkamer in een flat drie hoog achter en sinds 2011, nadat we inmiddels al naar de wijk Wilgendonk waren verhuisd, in de Notenhof, waar we een woonhuis hebben met een praktijkruimte ernaast. Doordat de schoonheidssalon op de begane grond was gevestigd, was deze veel toegankelijker waardoor het heel druk werd vanaf toen. Ik heb nu drie vaste medewerkers en we zijn zes dagen in de week open; verdeeld over ochtend-, middag- en avonddiensten. Met een uit twee kamers bestaande schoonheidssalon, betekent dat de ene kamer in, de andere kamer uit. Een drukke bedoening, dus.’
Toekomst
De toekomst is niet maakbaar, vindt Els. ‘Mijn man heeft sinds een jaar of drie parkinson. Dat gaat misschien om aanpassingen vragen. Laatst zei ik tegen mijn man dat het misschien raadzaam is om een HR-manager aan te nemen. Iemand die op afstand één uur in de week iets voor mij doet en waar ik mijn personeelsvragen neer kan leggen. Maar dat ga ik toch niet doen. Uiteindelijk moet ik toch zélf de beslissingen nemen en bovendien gaat het me geen tijd opleveren. Dan maar soms flink druk. Dat overleven we ook wel. Waar ik nog steeds heel blij van word, is een klant die bij mij kan ontspannen tijdens een behandeling. Dat heeft niets met magie te maken of wat dan ook, maar wat ik kan geven aan een klant: niet alleen een mooie huid, maar ook rust. Dat is echt mijn passie. Dus ik hoop door te gaan tot mijn 68e, wanneer ik mijn 45-jarig jubileum hoop te vieren. Ik heb nog steeds zo veel liefde voor mijn vak. Mijn kinderen gaan mij niet opvolgen. Fantastische kinderen, maar ze hebben geen mogelijkheden voor opvolging van de zaak.’
Hans: ‘Dat is bij mij anders. Mijn zoon heeft inmiddels al een gedeelte van het bedrijf overgenomen. Maar er komt tegenwoordig zo ontzettend veel bij kijken, waardoor ik besef dat ik hem wel met iets opzadel. Ikzelf ben er ingegroeid. En ik heb het bedrijfsleven zien veranderen van gemoedelijk naar gehard. Er gaan grote bedragen om in de autowereld. Gelukkig is die wereld er nog een van vertrouwen. Maar het gebeurt helaas weleens dat dat vertrouwen op de proef wordt gesteld. We zijn er om elkaar te helpen. Niet om elkaar te…hoe zeg ik dat netjes? Maar aan de andere kant is dat ook weer de spanning van het ondernemen. Voor míj is winst maken niet zaligmakend. Het contact met de mensen vind ik ook belangrijk.’
Uitdaging
Hans: ‘Ik vind het persoonlijke het belangrijkste. Ik sta voor kwaliteit van leven. Daar gaat het mij om. Gelukkig zijn met datgene wat je hebt: mijn vrouw, mijn zoon, mijn familie en vrienden. Vroeger lag ik wakker als de jaarcijfers bekend werden. Maakte ik me er al veertien dagen van tevoren zorgen over. Maar dat doe ik gelukkig niet meer. Tegenwoordig belt mijn accountant me op om te zeggen dat hij de jaarcijfers klaar heeft liggen. Of ik even tijd heb om ernaar te kijken. Het gaat nu veel relaxter allemaal.’
Els: ‘Ik vind het persoonlijke contact ook heel belangrijk. En ook erg leuk. Zo ontvang ik soms in mijn schoonheidssalon drie generaties van dezelfde familie. Opa laat zijn voeten doen, zijn dochter komt voor een gezichtsbehandeling, en zijn kleinzoon wil van zijn jeugdpuistjes af. Aan het begin van iedere werkdag kijk ik altijd in de computer wie er van onze klanten jarig is. Die stuur ik dan een appje. Ik wil dat de mensen zich heel fijn en veilig voelen bij ons. Even een moment van ontspanning hebben. Dat is voor mij elke dag weer een uitdaging. Ik denk dat ik wat dat betreft een ouderwets, uitstervend schoonheidsspecialiste ben. Ik hoef niet zo veel nieuwe apparatuur, nieuwe snufjes. Het contact vind ik belangrijk. Mensen een gevoel van welbevinden geven. Dat wil niet zeggen dat ik niet opensta voor nieuwe dingen, want ik houd alles wat er aan vernieuwing komt in de gaten. Zo dacht ik er onlangs nog over om mijn nieuwsbrieven met gebruik van AI te gaan schrijven. Maar dat ga ik niet doen. De vraag is natuurlijk hoe ver je meegaat met dat soort ontwikkelingen en of je er überhaupt aan ontkomt. Zo kregen wij vorige week een mail van een meisje van 18, waarin ze vraagt of wij voor haar een stageplek hebben. Die had ze nodig voor haar opleiding. Nu was de tekst echt te mooi om waar te zijn. Heel intelligent, heel vriendelijk, en getuigend van een grote woordenschat. Zeker voor haar leeftijd. Een medewerker van me zei dat de mail met AI geschreven is. Ik was daar gewoon ingetrapt! Heel stom.’
Hans: ‘Ja, ik vind dat weleens beangstigend. Dat is voor de volgende generatie, vind ik. Maar je ontkomt er gewoon niet aan. Omdat de laptop van ons bedrijf aan vervanging toe was, heb ik laatst een nieuwe besteld. En nu is een van mijn monteurs er helemaal weg van vanwege de vele mogelijkheden die erop zitten om auto’s uit te lezen en diagnoses te stellen. Ikzelf kom nog uit de tijd dat je onder de motorkap keek als de motor niet goed liep. En door het juiste gereedschap te gebruiken, zorgde je dat de motor weer als een zonnetje liep. Tegenwoordig kunnen we weinig meer repareren. Het is veelal alleen maar vervangen wat we doen. We leven in een andere tijd, natuurlijk. Maar toch druist dat een beetje in tegen mijn ouderwetse denkwijze.‘
Wat als?
Els: ‘De oude, vertrouwde klanten willen bij een klein bedrijf zoals dat van jou blijven, Hans. En ik vind het geweldig dat dat nog mogelijk is. Heb alleen één klein puntje: je bent bijna onvindbaar. Jullie website is heel bescheiden, en op Facebook en Instagram sta je al helemaal niet. Als ik de baas was van Garagebedrijf Hoogendoorn, zou ik het bedrijf meer zichtbaar proberen te maken. Je hebt immers een bijzonder bedrijf en ook genoeg te vertellen!’
Hans: ‘Dat is een bewuste keuze. Ik wil dat het bedrijf qua grootte binnen dit kader blijft. En als je voor meer publiciteit zorgt, loop je het risico dat je daarbuiten komt, dat je te groot wordt. Met alle gevolgen van dien. Want als je een grote dealer bent, staat daar altijd weer een groot bedrijf bóven. En die zegt wat jij moet doen. Hoe je een klant in de showroom moet benaderen. Eerst moet je peilen of hij een auto wil kopen of dat hij komt om bijvoorbeeld een lampje te laten vervangen. In het eerste geval duik je er vol op, in het tweede geval sta je hem te woord maar doe je er voor de rest niets mee. Dat vind ik hetzelfde als schoenenverkopers die je in de winkel een paar schoenen proberen aan te smeren. Nou, als ik ergens een hekel aan heb…Ik wil altijd kunnen praten met een klant. Maakt mij niet uit waar hij voor komt. Bovendien koopt de man van het lampje misschien een jaar later een auto bij me. Iedere klant is belangrijk en een heel belangrijke pijler voor je bedrijf. En ook voor jezelf.’
Als Hans de baas was van Alblasserwaard Schoonheidsinstituut, zou hij niets veranderen. ‘Je doet het natuurlijk prima. Anders zou je het geen veertig jaar volhouden. Dus ga zo door!’
Tip aan elkaar
Hans: ‘Oud worden.’
Els: ‘Ja, gezond oud worden. En als je toch iets gaat mankeren, probeer er dan positief in te staan.’
Tip aan Papendrechtse ondernemers
Els: ‘Koop is den vreemde niet wat je eigen stad je biedt. Daar ben ik heel erg voor; ook als er bij mij thuis iets kapot gaat. Is dat iets van witgoed, dan bel ik Barend Romijn. En voor bloemen ga ik altijd naar Flowers and More. Waarom zou je buiten Papendrecht iets kopen wat je ook hier kunt krijgen? Het is natuurlijk ook een kwestie van elkaar helpen, elkaar iets gunnen. Misschien is het ergens anders wel iets goedkoper. Maar dan vind ik service toch belangrijker.’
Hans: ‘Ja, dat ben ik helemaal met je eens. Probeer elkaar te helpen. De prijs vind ik niet zo belangrijk, maar de service wél. En Papendrechters zijn altijd een beetje positief-behoudend. Van doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg. Echte uitspattingen vind je hier niet. Ik denk dat je het met deze instelling wel redt in deze gemeente. Je moet natuurlijk wel altijd de vinger aan de pols houden, je best blijven doen, en proberen niet te verslappen.’
Els: ‘En dicht bij jezelf blijven.’
Hans: ‘En dicht bij jezelf blijven. Dat ook.’
Tot slot
Hans: ‘Wat dat betreft vinden wij hetzelfde erg belangrijk, Els. Het contact met de mensen, met de klanten, moet voorop staan.’
Els: ‘Dat is zeker zo, Hans. Misschien komt dat omdat we van dezelfde generatie zijn.’
https://hoogendoornauto.nl
https://huidverbeteraars.nl
